Afvalkamp & oogcontact – Het vette leven #1

Afvalkamp & oogcontact – Het vette leven #1

Saynab Farah Dahir

12+.-.Voor de veertienjarige Sarah valt de terugkeer naar school na de zomervakantie niet bepaald mee. Haar overgewicht maakt haar erg onzeker en het frustreert haar dat ze tijdens de zomer maar twee kilo is afgevallen. Stiekem is ze verliefd op haar beste vriend Lucas. Ze droomt ervan hem te kussen zodra ze voldoende afgevallen is, maar hij vertrouwt haar net die eerste dag toe dat hij met Hannah ‘getongd’ heeft.

De lezer wordt helemaal ondergedompeld in de dramatische, bitterzoete sfeer kenmerkend voor de puberteit. Her en der vinden we handgeschreven flarden in dagboekstijl. Zo plakt aan het begin van elk hoofdstuk een memo met daarop de weekaanduiding van het afvalkamp, Sarahs startgewicht, haar huidig gewicht en haar streefgewicht. De lezer ziet het huidig gewicht dalen naarmate het boek vordert, maar tegelijkertijd maken de strak gestructureerde memo’s ook de enorme druk voelbaar die dit meisje ervaart. Het lijstje met ‘99 dingen die ik haat aan mezelf’ zal voor veel tieners én hun ouders heel herkenbaar zijn. En dat de oorspronkelijke titel daarboven, ‘vijf dingen die ik leuk vind aan mezelf’, kordaat doorstreept is, doet daar nog een schepje bovenop. Het gezwollen, pathetisch taalgebruik doet je als lezer soms met de ogen rollen. ‘Ik ga dood, word tot leven gewekt en ga opnieuw dood’, Sarahs woorden nadat ze een compliment krijgt van Lukas. De onmisbaarheid van de GSM wordt fijntjes in de verf gezet door de tekst regelmatig te onderbreken met stukjes conversaties op een scherm, met de nodige emoji’s. Ook de prominente plaats die de sociale media innemen in een tienerleven wordt goed zichtbaar. Om te groeien naar een relatie met Lucas, laat Sarah zich inspireren door een reeks video’s op TikTok over verliefd zijn op je beste vriend(in). Die zijn gemaakt door Omar, een jongen die ze vaag kent van school en waarmee ze later ook regelmatig afspreekt om meer uitleg te vragen. Saynab Farah Dahir schuwt ruwere jongerentaal niet. Uitroepen als ‘Shit’, ‘Fuck’, ‘Urgh’ en ‘Fucking klote’ maken het sfeerbeeld compleet.

De typische chaos in Sarahs tienerbrein, maakt dat je haar in je armen wil nemen. Dit meisje heeft immers zó veel ballen in de lucht te houden. Zo moet ze leren omgaan met haar innerlijke stem, die constant kleinerende commentaar geeft op haar denken en handelen. Wanneer ze, heel diep in haar binnenste, Maria wel aardig vindt, sneert de stem bijvoorbeeld: ‘Dan kunnen jullie op school arm in arm lopen, als “de twee vetrolletjes”.’ Knap hoe Dahir pijnlijke dingen toch met een vage humoristische ondertoon weet te verwoorden, zodat het nooit té zwaar wordt. Voortdurend laat de schrijfster Sarahs gedachten en gevoelens in de clinch gaan. Enerzijds blokkeert ze. Ze zou ze het liefst niks met het kamp te maken hebben en doet alle moeite van de wereld om haar deelname geheim te houden. Sarah wil geen vrienden worden met Maria en Samuel. Zich geen van ‘die dikkerdjes’ voelen. Anderzijds voelt ze zich schuldig omdat ze zo gemeen doet tegen de groep, omdat ze liegt tegen Lucas, omdat ze zo traag afvalt.

Dahir durft een aantal ongemakkelijke, vaak sociaal isolerende aspecten van overgewicht expliciet benoemen. Hiermee geeft ze jongeren een taal en handvatten om over overgewicht te kunnen praten en dat is de grote sterkte van dit boek. Zo vertelt ze hoe Sarahs bovenbenen tijdens het lopen tegen elkaar schuren, waardoor haar huid voortdurend brandt en hoe ze worstelt met slecht passende broeken die altijd afzakken. Met een onthutsende nuchterheid beschrijft Sarah haar spiegelbeeld. ‘Een dikke bos haar, bolle wangen, dikke nek, kleine borsten. Op haar buik allemaal geplooide vetlagen.’ Wanneer Omar per ongeluk tegen haar buik komt, toont Sarah hem met een ontroerende openheid haar onzekerheid. ‘Het idee dat iemand aan mijn buik zit, vind ik afschuwelijk, maar toch was het alsof… ik het eigenlijk altijd al wilde.’

Sommige verhaallijnen zijn flinterdun. Zo is de evolutie van Sarah’s verliefdheid net iets te voorspelbaar. Vanaf haar eerste ontmoeting met Omar voelt de oplettende lezer immers aan dat ze als een blok voor hem zal vallen en dat haar gevoelens voor Lukas zullen uitdoven. En na zo’n extreem stroeve start verloopt de groei van de hechte vriendschap tussen Sarah, Maria en Samuel opeens té snel. Hierdoor voelt hun band een tikkeltje kunstmatig aan, alsof de schrijfster absoluut een een rooskleurig einde wil forceren.

En toch weet Dahir te verrassen aan het einde. In een emotioneel moeilijk moment gooit Sarah haar dieet overboord en begint onafgebroken te snoepen, waardoor ze opnieuw aankomt. Die terugval vormt de katalysator voor het besef dat ze zelf eigenlijk helemaal niet wil afvallen of zich voortdurend slecht voelen door de honger. Het was vooral de veroordelende houding van de omgeving die haar dwong. Sarah gooit het roer drastisch om en wil zich vooral focussen op dingen die ze leuk vindt om te doen, los van kilo’s en calorieën. Een open einde waarop je toch even moet kauwen. Het zal behoorlijk wat nieuwe vragen en bedenkingen doen opborrelen bij onze jongeren die proberen te aarden in de veeleisende samenleving van vandaag. Dahir schopt met een vrolijke knipoog tegen heilige huisjes, wat nieuwsgierig maakt naar het tweede deel van Het vette leven.

(Een geredigeerde versie van dit artikel verscheen op Mappalibri.be)

Saynab Farah Dahir: Afvalkamp & oogcontact Het vette leven # 1, Blauw Gras, Amsterdam 2025, 128 p. ISBN 9789493374119. Vertaling van Camp, Kys og Kaos. Det fede liv 1 door Lammie Post-Oostenbrink. Distributie L&M Books

Geef een reactie

Ontdek meer van Mijn venster op de wereld

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder